Lochem en andere gemeenten doen ‘woningbod’ aan minister De Jonge

0
Foto ter illustratie (bron: freepik.com)

LOCHEM/DE BILT – Een aantal middelgrote gemeenten, verenigd in het platform M50, doet donderdag een ‘woningbod’ aan minister Hugo de Jonge van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening. Deze gemeenten, waaronder Lochem, willen de minister ervan overtuigen dat zij sneller en goedkoper kunnen bouwen dan grotere gemeenten. Hiervoor is echter een bijdrage van het Rijk nodig. Nu ontvangt slechts een klein aantal van deze gemeenten een financiële bijdrage via de zogeheten Woningbouwimpuls van het Kabinet.

Namens de gemeente Lochem gaat wethouder Marja Eggink donderdag naar een bijeenkomst in De Bilt. Zij is daar aanwezig met 25 collega-wethouders. Voor De Bilt is gekozen omdat voorzitter Sjoerd Potters van M50 daar burgemeester is. “Middelgrote gemeenten willen graag minstens 65.000 woningen bouwen en kunnen dat vaak sneller en goedkoper dan grotere gemeenten”, stelt Potters.

Geld over

“Voor de zogenaamde woningbouwimpuls deed het Kabinet een greep uit de kas van het gemeentefonds, maar door strenge eisen en hoge drempels vloeien de gelden vooral naar grote gemeenten en advieskantoren. Bij de vorige tranche van de Woningbouwimpuls bleef er zelfs geld over in de pot”, aldus de voorzitter.

Wethouder Marja Eggink van Lochem zegt: “De gemeente Lochem heeft een uitgestrekt grondgebied waar we de komende jaren zeker 1300 woningen willen realiseren. Het moet toch mogelijk zijn om deze plannen te bundelen om zo ook in aanmerking te komen voor de Woningbouwimpuls van het kabinet. Ook het versimpelen van de ruimtelijke procedures helpt om woningbouw te versnellen. Ik ondersteun dit ‘woningbod’ dan ook van harte. Op die manier kunnen we snel aan de slag om woningen te bouwen voor onze inwoners.”

Drempels

Een inventarisatie van de M50 leert dat 11 drempels in het beleid van het Kabinet het bouwen in middelgroot sterk bemoeilijken. Het regeerakkoord benadrukt de ambities van het kabinet om 900.000 huizen te bouwen; verspreid over heel Nederland. De genoemde M50 inventarisatie laat zien dat middelgrote gemeenten – met tussen circa 30.000 en 80.000 inwoners – vaak al locaties hebben bepaald en plannen hebben gemaakt.

Voorzitter Potter stelt: “Middelgrote gemeenten kunnen bouwen in hartje centrum, zonder grote transformaties of infrastructurele ontwikkeling. Dat drukt de kosten en brengt de vaart erin. In middelgrote gemeenten zoals Waalwijk, Veghel, Doetinchem en De Bilt groeit de werkgelegenheid. Bovendien willen wij onze jongeren een huis bieden.”

Kleinere projecten

De inventarisatie van de M50 laat ook zien dat middelgrote gemeenten twijfelen of ze een aanvraag willen indienen voor de nieuwe ronde van de Woningbouwimpuls. Dat ligt onder andere aan de drempels en de eisen.

Erik Wessels, wethouder van Rijssen-Holten (CDA) zegt hierover: “De Tweede Kamer heeft geprobeerd om het minimale aantal woningen bij nieuwbouwprojecten terug te brengen naar 200 per aanvraag, maar harde criteria zoals ‘geografische eenheid’ en ‘projectoptimalisatie’ zorgen ervoor dat bouwprojecten onder de 500 woningen in middelgrote gemeenten vaak niet haalbaar zijn. Hierdoor moeten wij helaas discussies voeren met het ministerie of een hechte dorpsgemeenschap als Holten een geografische eenheid is of niet.”

Snel en goed

Wethouder Dolf Smolenaers van De Bilt (D66) voegt toe: “De minister heeft veel energie en grote ambities, maar meedoen aan de tombola van de woningbouwimpuls kost heel veel tijd en de uitkomsten zijn hoogst onzeker. Het zou moeten gaan om snelle en goede plannen en niet om de meeste plancapaciteit.”

Een ander aspect dat meespeelt is de financiering van gemeenten via het Gemeentefonds. Vanaf 2026 is hoogst onzeker hoe dit gaat uitpakken. Die onzekerheid beperkt de financieringskracht. Ambtelijke medewerkers van middelgrote gemeenten steken veel tijd in vele vormen van overleg, maar er geld verdeeld kan worden, zitten vaak alleen de grote gemeenten aan tafel.

Ambtenaren

Die inzet van ambtenaren zorgt ondertussen wel voor veel extra werkdruk. Om in aanmerking te komen voor extra ambtenaren uit de zogeheten flexpool is vaak cofinanciering nodig. Vervolgens wordt de inzet van die ambtenaren via de regeling MIRT beperkt. Eva Boswinkel, wethouder Financiën van Zutphen en vicevoorzitter van M50 hierover: “De regelingen van het Rijk passen meer bij een grote gemeente met een fors personeelsbestand. Wij zoeken handjes in plaats van meedenkers. Wij willen stenen
stapelen.”

De M50, voorheen Platform Middelgrote Gemeenten (PMG), bestaat uit:
Altena, Barendrecht, Barneveld, Coevorden, De Bilt, De Ronde Venen, Den Helder, Dijk en Waard, Doetinchem, Dronten, Etten-Leur, Gooise Meren, Gorinchem,  Hellendoorn, Hellevoetsluis,  Hendrik-Ido Ambacht, Houten, Kampen, Kerkrade, Landgraaf, Leidschendam-Voorburg, Lochem, Meierijstad, Midden-Groningen, Nieuwegein, Nijkerk, Oldambt, Oosterhout, Papendrecht, Peel en Maas, Pijnacker-Nootdorp, Raalte, Ridderkerk, Rijssen-Holten, Rijswijk, Roermond, Schagen, Soest,  Terneuzen, Veenendaal, Veldhoven, Velsen, Venray, Waalwijk, Wassenaar, Winterswijk, Woerden, Zeist, Zutphen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here